Overheden willen beter samenwerken, opnieuw rol weggelegd voor ERM

15 Juni 2026

Overheden willen beter samenwerken, opnieuw rol weggelegd voor ERM

Gemeenten, provincies en het Rijk willen beter samenwerken op het gebied van erfgoed en hebben daartoe nieuwe bestuurlijke afspraken gemaakt. De financiële steun aan ERM wordt daarmee voortgezet en de verbinding tussen richtlijnen en vergunningverlening bevorderd.

De bestuurlijke afspraken (op 10 juni gepubliceerd in de Staatscourant) moeten het erfgoedbeleid verstevigen en zo het erfgoed een nadrukkelijkere rol geven in ruimtelijke en maatschappelijke uitdagingen. Minister Rianne Letschert van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW), in een toelichting: 'Erfgoed verbindt mensen en herinnert ons aan wie we zijn en waar we vandaan komen. Juist daarom is het van groot belang dat gemeenten, provincies en het Rijk hierin gezamenlijk optrekken. Alleen door die gedeelde verantwoordelijkheid kunnen we ons erfgoed levend houden en doorgeven aan volgende generaties.”

De ondertekenaars, te weten de minister van OCW, het Interprovinciaal overleg (IPO) en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), geven onder het kopje ‘restauratiekwaliteit’ aan de financiële ondersteuning aan Stichting ERM te willen voortzetten. Stichting ERM is onafhankelijk, heeft geen winstoogmerk en kan niet bestaan zonder steun vanuit de overheid.

Ook wordt beschreven dat het Rijk en de provincies en gemeenten het verbinden van de via ERM tot stand gebrachte kwaliteitseisen (de richtlijnen) aan vergunningverlening en subsdieverlening – en de handhaving daarop - zullen bevorderen. Op die manier bewaken de overheden de architectuur- en bouwhistorische waarden van monumenten.

Christian Braak, directeur van ERM, is blij met de nieuwe bestuurlijke afspraken. “De erfgoedsector is compact, maar nog steeds redelijk gefragmenteerd. Door een intensievere samenwerking tussen overheden, opdrachtgevers en opdrachtnemers kan erfgoed niet alleen efficiënter behouden blijven, maar ook oplossingen bieden voor maatschappelijke vraagstukken zoals de woningnood. ERM blijft zich als onafhankelijk verbinder daar ook de komende jaren hard voor kan maken, met de richtlijnen maar bijvoorbeeld ook met onze aanpak van de arbeidsmarktproblematiek.”