Bijeenkomst over ‘Rood en Groen’: meer van elkaar leren

23 Oktober 2026

Bijeenkomst over ‘Rood en Groen’: meer van elkaar leren

Rood en Groen Erfgoed worden vaak beschouwd als aparte vakgebieden, met elk hun eigen specialisten. Toch is er veel overlap: een buitenplaats, fort of landgoed is immers een ensemble, van rood en groen samen. Onlangs brachten NMo en ERM de beide ‘bloedgroepen’ samen tijdens een boeiende bijeenkomst op Landgoed Nyenrode. Een verslag van de bijeenkomst ‘Groen en Rood Erfgoed: twee werelden, één opgave.”

Op monumentale landgoederen is vaak sprake van één ontwerp, maar werken bouwkundigen en groenbeheerders los van elkaar en schuift het groen bij restauraties regelmatig pas laat aan. Volgens Ruurd van Donkelaar, adviseur Groen Erfgoed bij ERM, is dat in de praktijk onhandig. “Wie bepaalt bijvoorbeeld wanneer de klimplanten tegen de gevel gesnoeid worden als er geschilderd moet worden? En wie bepaalt welk voegwerk er nodig is aan de tuinmuur waar het leifruit tegenaan staat? Samenwerking is essentieel. En kennis van rood bij groen, en groen bij rood.”

Het bleek ook uit een korte peiling onder de aanwezigen: de meesten van hen werkten met rood of groen, maar zelden met allebei. Volgens Van Donkelaar geeft het aan dat er meer, en vroeger samengewerkt moet worden. “Groen Erfgoed komt bij restauraties helaas vaak pas aan het einde van een proces in beeld. Neem het graafwerk voor nieuwe kabels en leidingen: die worden aangelegd zonder dat er gekeken wordt naar het historische groene erfgoed.”

Groen erfgoed is een breed begrip. Het gaat om historische tuinen, parken, buitenplaatsen en begraafplaatsen, maar ook om monumentale bomen en ambachten als heggen leggen, leifruit snoeien en maaien met de zeis. Nederland telt zo’n 1.400 groene rijksmonumenten, waaronder ongeveer 550 buitenplaatsen. Daarnaast zijn er veel gemeentelijke groene monumenten, zoals begraafplaatsen.

Rood en groen werken volgens Van Donkelaar vaak met dezelfde cyclus. Eerst komt het onderzoek: wat heb je, historisch en ecologisch, en hoe wordt de plek gebruikt? Daarna volgen de waardestelling, de visie en het beheerplan. Pas dan begint de uitvoering, met een duidelijke opdracht, vakmensen en goede begeleiding. Daarna volgt monitoring, en in het groen gebeurt dat elk jaar. ERM ondersteunt die aanpak met richtlijnen voor tuinhistorisch onderzoek en voor hovenierswerk. Ook het groen werkt met de restauratieladder.

Van Donkelaar sloot af met een aantal aanbevelingen. “Het is belangrijk om groen erfgoed vanaf het begin mee te nemen in onderzoek en planvorming. Gebruik de richtlijnen en schakel groenspecialisten in als partner in het project, maar zorg dat ook de ‘rode’ medewerkers basiskennis van groen erfgoed hebben.”

In het panelgesprek brachten Sandra van Lochem (senior adviseur erfgoed en landschap bij Natuurmonumenten), Melle Wierper (erfgoedhovenier en tuin- en landschapsarchitect) en Ger Copier (bouwkundig projectleider bij Monumentenbezit) hun dilemma’s die ze tegenkwamen bij een aantal projecten naar voren.

Van Lochem begon bij Kasteel Eerde in Ommen. Daar waren de kademuren rond de gracht verzakt. Twee aannemers wilden ze steen voor steen afbreken en opnieuw opbouwen. Maar in die muren groeien beschermde muurvarens en de aubrietia die zo kenmerkend is voor Eerde. Natuurmonumenten ging daarom op zoek naar een andere oplossing, en pas de derde of vierde aannemer durfde het aan om de muren recht te duwen. ‘Dat het niet kaarsrecht wordt, is niet erg”, aldus Van Lochem. “Het is een historisch landgoed.”

Wierper liet zien dat kennis twee kanten op moet gaan. Bij Villa Beukendael in Baarn werd ze gevraagd om mee te denken over de tuin, maar stuitte daarbij ook op het hek, dat in de loop der jaren aangepast was waarbij de oorspronkelijke lampen waren verdwenen. Die lampen horen volgens Wierper juist bij het beeld van de villa en de tuin, en omdat het een gemeentelijk monument is, komen ze terug. Nu zoekt Wierper stenen bij die passen bij de zeven à acht kleuren in het oorspronkelijke metselwerk. “Mensen die in het groen werken, moeten dus ook kennis van het rood meenemen”, aldus Wierper. En het is aan ons als specialisten de taak om opdrachtgevers en de gemeente te wijzen op wat waardevol is.”

Ger Copier gaf als voorbeeld de restauratie van de zeventiende-eeuwse aanleg van Trompenburgh, dat als groen project werd aangevlogen. Er werkten zes à zeven specialisten aan, en daardoor vielen de bruggen en leidingen tussen wal en schip. Dat zijn zaken die een rode organisatie normaal goed in beeld heeft. En waar een brug werd verwacht, vond de graafmachine de fundering van een dam. Het brugontwerp moest daarom tijdens de uitvoering worden aangepast. “Daaruit merk je dat bewustzijn van groen én rood belangrijk is”, concludeerde Copier.

Borgen van de toekomst
Hoe bewaar je de samenhang als een ensemble wordt verkocht of gesplitst? Wierper noemde het kettingbeding en Copier de kasteelbiotoop, die in Zuid-Holland al wordt gebruikt. Van Lochem vertelde dat Natuurmonumenten bij verkoop van een gebouw vaak kiest voor erfpacht. Zo blijft de grond in eigen hand en kan de organisatie blijven meebepalen wat er gebeurt. Bij verkoop gaat het dan niet om de hoogste opbrengst, maar om een eigenaar die de plek goed wil verzorgen.


Na de paneldiscussie volgde een rondleiding over Landgoed Nyenrode met tuinbaas Guido Vlug. Natuurlijk kwamen ook daar bijzondere verhalen voorbij. Langs de slotgracht van Nyenrode is in 2023 bijvoorbeeld een deel van de kademuur ingestort. Aan die kant staan geen bomen en werd het water slecht afgevoerd, waardoor de gronddruk opliep. Aan de overkant staan twee monumentale lindes van rond 1750. Die houden de grond vast en drinken veel water uit het plein. Waarschijnlijk staat die muur daardoor nog. De constructeur wilde ook aan die kant graven, maar er ligt volgens Vlug nu een plan waarbij de lindes blijven staan.

Ook tijdens de uitvoering valt er bij te sturen. In de ingestorte muur ging een ijsvogel broeden. Eerst was het plan om in de nieuwe muur tien nestgaten te maken. Maar ijsvogels nestelen ver uit elkaar, dus er komt nu één nestplek. Voor het herstel is het grachtpeil zestig centimeter verlaagd, en elke week meet het team in peilbuizen of het grondwater stabiel blijft, zodat de funderingen niet droogvallen.

Zo kwamen er tijdens de wandeling nog veel meer voorbeelden voorbij. Een leerzame afsluiting voor een waardevolle bijeenkomst, die liet zien dat rood en groen niet zonder elkaar kunnen. Wie de taal van de ander spreekt, ziet immers eerder wat er op het spel staat.